Op 5 november 2025 vond de landelijke editie van de Docentendag plaats, dit keer in de bruisende culturele omgeving van De Nieuwe Veste in Breda. In dit mooie gebouw kwamen voornamelijk lokale onderwijsprofessionals samen. Tijdens deze inspirerende dag werd tijd genomen om stil te staan bij, en te reflecteren op de manier waarop het slavernijverleden een plek krijgt binnen het onderwijs. Het werd een dag van ontmoeting, bewustwording en uitwisseling van verhalen.
De dag begon met een warme begroeting van moderator Sarita Bajnath. Al vanaf het eerste moment wist zij een open en veilige sfeer neer te zetten. Met haar scherpte en humor wist zij het publiek niet alleen te raken, maar ook te prikkelen om mee te denken en te voelen. Ze gaf de bijeenkomst een levendige toon, waarin ruimte was voor serieuze reflectie én voor een glimlach tussendoor.

Vervolgens opende NiNsee-vicevoorzitter Wendeline Flores de dag met een betekenisvol voorwoord. Ze benadrukte de sleutelrol van leerkrachten: zij zijn het die de geschiedenis tot leven brengen, bruggen slaan tussen verleden en heden, en leerlingen helpen hun eigen perspectief te ontwikkelen. Juist in een tijd waarin polarisatie en racisme nog altijd zichtbaar zijn, lijkt dit werk belangrijker dan ooit. Ze riep op om samen te blijven bouwen aan een toekomstbestendig onderwijs – eerlijk, inclusief en bovenal menselijk.
Betrokkenheid gemeente Breda
Wethouder Arjan van Drunen was te gast en benadrukte hoe belangrijk het is om het koloniaal en slavernijverleden op een betekenisvolle manier in de klas te bespreken. Daarbij deelde hij zijn persoonlijke toewijding om zich hiervoor actief in te zetten, ondersteund door inzichten uit recent onderzoek. Vervolgens was het tijd voor bijzonder moment. Stichting Afschaffing en Herdenking Slavernij Breda voorzitter Jan Hopman en Robert Lambertus, overhandigde hem een onderwijsnotitie waarin nadrukkelijk aandacht wordt gevraagd voor dit belangrijke onderwerp.
Keynote van Joandi Hartendorp
Aansluitend nam keynote speaker Joandi Hartendorp het woord. In een pakkend betoog deelde zij haar bevindingen uit het onderzoek naar hoe het slavernijverleden aan bod komt binnen het voortgezet onderwijs. Ze schetste een helder en soms confronterend beeld van de hiaten in het curriculum, maar bood ook concrete aanbevelingen om die leemtes te dichten. Haar verhaal gaf veel aanwezigen nieuwe inzichten én praktische handvatten om dit onderwerp met meer diepgang en bewustzijn in de klas te behandelen. Workshops en verdieping: ruimte voor reflectie en praktische tools.
Thematische workshops met praktische handvatten
Na de plenaire sessie verspreidden de deelnemers zich door de ruimtes voor een reeks verdiepende workshops. Er waren verschillende soorten workshops maar allemaal met hetzelfde doel – het slavernijverleden op een open en betekenisvolle manier bespreekbaar maken in het onderwijs. Terwijl in de ene ruimte levendige gesprekken ontstonden, doken anderen juist de diepte in met praktische oefeningen en persoonlijke reflectie.
Omringd door bijzondere objecten, nam Bart Krieger de deelnemers mee in een workshop over de kracht van kunst. Niet alleen om verhalen te vertellen, maar ook om emoties en reflectie op te roepen. Deelnemers werden uitgedaagd tot zelfreflectie en bewustwording, met de vraag hoe en met welke voorwerpen het thema slavernij bespreekbaar kan worden gemaakt in de klas – van objecten in de openbare ruimte tot voorwerpen in de keukenkast. Zo werd duidelijk dat kunst en alledaagse voorwerpen samen kunnen helpen om geschiedenis tastbaar en voelbaar te maken voor leerlingen.
De workshop van Naomi Nagtegaal richtte zich vooral op persoonlijke ervaringen. Deelnemers werden uitgenodigd in de spiegel te kijken: naar hun eigen vooroordelen, naar wat het onderwerp bij hen teweegbrengt en waarom. Het was een sessie die zowel mooi als confronterend was, maar vooral waardevol, waarin bewustwording en zelfreflectie centraal stonden.

In de workshop van Raoul de Jong stond zijn persoonlijke zoektocht naar identiteit en zijn ontwikkeling als schrijver centraal. Hij nam de deelnemers mee op zijn ontdekkingstocht door het slavernijverleden en zijn eigen bewustwordingsproces, aan de hand van Surinaamse literatuur. Daarbij legde hij verhelderende verbanden met de bredere literaire canon, waardoor deelnemers zowel nieuwe inzichten kregen over de verhalen van het verleden als over de plek van deze literatuur in het onderwijs.
Afsluiting
Zoals altijd werd de dag afgesloten met een plenair gesprek, waarin deelnemers hun ervaringen en inzichten met elkaar deelden. Tijdens de aansluitende borrel werd er verder nagepraat en ideeën uitgewisseld, en ontstonden er waardevolle nieuwe verbindingen. Het was een memorabele en inspirerende dag, die ongetwijfeld een blijvende impact heeft gehad in Breda.









